De rechten van het pleegkind

Elk pleegkind heeft rechten die wettelijk zijn vastgelegd en bescherming bieden in soms kwetsbare situaties. Toch weten veel mensen (kinderen zelf, maar ook pleegouders en andere betrokkenen) niet precies wat die rechten inhouden. Dat is jammer, want goede pleegzorg informatie maakt een wereld van verschil.

De belangrijkste rechten van pleegkinderen in Nederland

Pleegkinderen hebben dezelfde rechten als alle andere kinderen, vastgelegd in het Internationaal Verdrag inzake de Rechten van het Kind. Maar sommige rechten zijn voor pleegkinderen in de praktijk extra belangrijk. Hier leggen we de meest voorkomende uit in duidelijke taal.

Recht op privacy

Het recht op privacy houdt in dat pleegouders en hulpverleners niet zomaar persoonlijke informatie over een kind mogen delen. Is een kind jonger dan 16 jaar, dan mag informatie worden doorgegeven aan ouders of de voogd. Vanaf 16 jaar mag dit alleen met toestemming van het kind zelf.

Wanneer een kind onder toezicht staat, noemt men dit ondertoezichtstelling (OTS)? Dan mag de gecertificeerde instelling wel noodzakelijke informatie delen met andere hulpverleners, maar uitsluitend in het kader van de jeugdbescherming en OTS-uitvoering.

Recht om het eigen dossier in te zien

Pleegkinderen vanaf 12 jaar hebben recht op dossier inzage. Het gaat dan om stukken van de Raad voor de Kinderbescherming (RvdK), niet om dossiers van een gecertificeerde instelling (jeugdbescherming). Ze mogen ook vragen om correctie van hun gegevens.

Recht op omgang met familie

Pleegkinderen hebben recht op contact met hun ouders en andere familie. Hiervoor wordt samen met de ouders een omgangsregeling afgesproken. Pleegkinderen mogen in sommige gevallen zelf om een omgangsregeling verzoeken bij de rechter, of een aanpassing ervan.

Wil een kind verzoeken om een omgangsregeling met iemand anders dan de ouders? Dan moet het kind kunnen aantonen dat er een hechte band is met die ander. Een andere term voor deze hechte band is ‘family life’. Alleen een biologische band is niet voldoende om een hechte band aan te tonen.

Recht op verlengde pleegzorg

De pleegzorg duurt tot 21 jaar als het pleegkind dat wil. Daarna kan een pleegkind soms verlengde pleegzorg krijgen tot 23 jaar. Voor meer informatie hierover zie de pagina ‘pleegzorg vanaf 18 jaar’.

Recht om gehoord te worden

Pleegkinderen hebben het recht om betrokken te worden bij alle beslissingen die met hen te maken hebben. Pleegkinderen mogen hun mening geven over de hulpverlening. Ook mogen ze een klacht indienen als ze dat nodig vinden.

Verder hebben pleegkinderen het recht om hun mening te geven aan de kinderrechter. In zaken die betrekking hebben op het kind, zoals de omgang en het gezag, is de hoofdregel dat de kinderrechter kinderen van 12 jaar en ouder uitnodigt tijdens een zitting hun mening te geven. Het kind wordt door de rechter ‘gehoord’. Kinderen zijn niet verplicht om voor de kinderrechter te verschijnen; ze kunnen de rechter ook een brief schrijven.

Als een kind van 12 jaar of ouder niet in staat is tot een redelijke waardering van zijn belangen, bijvoorbeeld door een handicap of een laag IQ, kan de rechter ervan afzien om het kind te horen.

Kinderen jonger dan 12 jaar kunnen door de rechter worden gehoord, maar worden nog niet door de rechter ‘opgeroepen’ voor de zitting. Kinderen tot 12 jaar die door de rechter gehoord willen worden, moet de rechter aanschrijven en uitleggen waarom ze op de zitting aanwezig willen zijn. De rechter moet in die gevallen overtuigd zijn dat de kinderen in staat zijn tot een redelijke waardering van hun belangen. Zij moeten goed in staat zijn om hun mening te vormen.

Wil je meer te weten komen over de algemene kinderrechten? Bekijk dan de uitleg over het Internationaal Kinderrechtenverdrag.